Arnhem,
28
februari
2017
|
13:00
Europe/Amsterdam

Onduidelijkheid nieuwe normen voor niet-elektrische apparatuur IECEx

Verschil met ATEX verklaard

In 2016 verschenen de normen ISO 80079-36 en -37, geschikt voor de certificering van niet-elektrische apparatuur. Ze volgen de normen uit de in Europa bekende EN 13463 serie op (EN ISO 80079-36 en -37). Met een IECEx certificering is het voor fabrikanten makkelijker om hun producten naar het buitenland te exporteren. Maar wat zijn de belangrijkste verschillen met de Europese ATEX-richtlijnen?

In tegenstelling tot ATEX is IECEx een vrijwillig keuringsschema, dat een solide basis vormt voor fabrikanten om hun producten wereldwijd te exporteren en daarvoor te laten certificeren. Tot voor kort beperkte IECEx zich tot elektrische apparatuur. Daar kwam in 2016 verandering in, toen de nieuwe ISO normen voor niet-elektrische apparatuur beschikbaar werden.

Zelfverklaring en zones

Elektrische producten die bedoeld zijn voor gebruik in zone 0 en 1 zijn onder ATEX keuringsplichtig. Een 'Notified Body', zoals DEKRA, moet de producten certificeren. Voor producten bedoeld voor zone 2 mag een fabrikant zelf verklaren dat het product aan de ATEX- richtlijn voldoet. Voor niet-elektrische producten voor gebruik in zone 1 mag een fabrikant dit ook doen, maar alleen als zijn technische constructiedossier ter archivering bij een Notified Body ligt.

Zone

 Omschrijving

0

Een explosief gasmengsel is voortdurend of lange perioden aanwezig (meer dan 10% van de bedrijfsduur van een installatie of van de duur van een activiteit)

1

Kans op aanwezigheid van een explosief gasmengsel onder normaal bedrijf is groot (tussen 0,1% en 10% van de bedrijfsduur van een installatie of van de duur van een activiteit)

2

Kans op aanwezigheid van een explosief gasmengsel is gering en slechts gedurende korte tijd (minder dan 0,1% van de bedrijfsduur van een installatie of van de duur van een activiteit)

IECEx is een vrijwillig keuringsschema. Certificeren is dus niet verplicht, zowel voor elektrische als niet-elektrische producten. Voor producten met een elektrisch en een niet-elektrisch deel kan een fabrikant besluiten alleen het elektrische of niet-elektrische deel te laten certificeren. Als een fabrikant besluit te certificeren, moet hij altijd een gecertificeerd kwaliteitssysteem hebben, onafhankelijk van de zones waarvoor het product bedoeld is. Dat geldt voor ATEX niet: daar moet een kwaliteitssysteem alleen gekeurd worden als certificering van het product verplicht is.

Ontstekingsbronnen

Een elektrisch product wordt gezien als een potentiële ontstekingsbron die bescherming nodig heeft om explosieveilig te zijn. Maar bij een niet-elektrisch product is het lastiger vast te stellen of er een potentiële ontstekingsbron aanwezig is. Een risicoanalyse geeft hierover meer duidelijkheid. In dit geval zijn alleen de 'eigen' ontstekingsbronnen, bijvoorbeeld het warmlopen van een lager, relevant. Externe ontstekingsbronnen, bijvoorbeeld elektrostatische oplading van een leiding door een procesmedium, vallen hier niet onder. Om die reden hoeven veel producten, zoals leidingwerk, niet gecertificeerd te worden. In dit geval ligt de verantwoordelijkheid voor het gebruik van geschikte producten bij de gebruiker.